 |
 |
 |
 |
Gelukkig 2012!
01.01.2012 :: Bij deze wil ik iedereen het allerbeste toewensen voor 2012. En dat betekent in de eerste plaats een goede gezondheid, veel voorspoed en geluk!
Johan Deckmyn Vlaams volksvertegenwoordiger...
Gevel Vlaams Belang opnieuw beklad
13.10.2011 :: Het was onderhand al even geleden maar deze nacht om 03.11 werd de gevel van het Vlaams Belang secretariaat aan de Charles de Kerchovelaan nog eens onder handen genomen door daders vermoedelijk uit het krakersmilieu.
In de vooravond was er im...
Deckmyn dient klacht in over IVAGO...
04.10.2011 :: De Gentse afvalintercommunale IVAGO verspreidde onlangs diverse brochures onder de titel “Wat je moet weten over huisvuil in Gent”.
Deze brochures werden in...
Johan Deckmyn aangehouden in Bruss...
15.06.2011 :: Op dinsdag 14 juni was het gisteren precies één jaar geleden dat er federale verkiezingen plaatsvonden in België. Helaas durft vooralsnog geen van de Vlaamse partijen openlijk de logische conclusie trekken: België is twe...
|
|
|
 |
Vlaams parlement
Tussenkomst over het Vlaams werkgelegenheidsplan
Tijdens de plenaire vergadering van woensdag 6 januari werd er een actualiteitsdebat gevoerd omtrent het Vlaams Werkgelegenheids- en Investeringsplan (WIP).
Het werd een breed uitgesponnen debat. Onderaan vind je de link naar het volledige verslag van de vergadering. In bijlage vindt u ook de actualiteitsmotie die Vlaams volksvertegenwoordiger Johan Deckmyn terzake indiende en hieronder vindt u zijn tussenkomst en de diverse reacties hierop.
(...)
De voorzitter: De heer Deckmyn heeft het woord.
De heer Johan Deckmyn: Mijnheer de voorzitter, iedereen kent het gevoel de prijzen van een tombola te zien en de week nadien diezelfde prijzen in een andere tombola terug te vinden. Als ik kijk naar wat hier voorligt, heb ik een dergelijk tombolagevoel. Zaken die in het ambitieuze ViA waren opgenomen, in het Pact 2020 werden geconcretiseerd en in het Vlaams regeerakkoord en in de Septemberverklaring werden overgenomen, vinden we nu in het werkgelegenheids- en investeringsplan terug. Brave zielen zouden dit continuïteit kunnen noemen. Ik verwijs in dit verband naar de repliek van de minister-president op de woorden van de heer Vereeck. Het gaat hier in feite om de recyclage van engagementen zonder dat daadwerkelijk inspanningen worden geleverd.
Die inspanningen zijn meer dan ooit nodig. Het aantal faillissementen ligt hoger dan ooit. We hebben hier al ettelijke malen de werkloosheidscijfers horen vermelden. Vorig jaar ging het om 40.000 mensen. Dit jaar zouden er naar alle waarschijnlijkheid nog eens 60.000 werklozen bij komen. De nood is dan ook groot.
In plaats van snel in te grijpen, kiest de Vlaamse Regering voor plannen, werkgroepen, regiegroepen en lijstjes met te nemen initiatieven. De crisis wacht echter niet. Ze zet zich onverbiddelijk voort.
De Vlaamse Regering maakt zich onder meer klaar voor een staten-generaal Industrie. Die moet het kader voor een bredere maatschappelijke rondetafelconferentie over het toekomstig industrieel beleid in Vlaanderen vormen. Het is echter nu dat investeringen, liefst versneld, noodzakelijk zijn. De verwijzing in het plan naar een nog samen te roepen staten-generaal stelt de beslissingen zelf enkel uit.
Bovendien blijkt dat we, in plaats van zelf kordate maatregelen te kunnen nemen, enkel het tempo van de federale regering kunnen volgen. Ik geef een voorbeeld. Op 17 december 2009 is de Inspectie van Financiën bij hoogdringendheid om advies gevraagd. Dit is niet toevallig de dag na de verlenging van de federale anticrisismaatregelen. De minimale termijn om advies uit te brengen, is hierbij niet gerespecteerd. De Inspectie van Financiën heeft dan ook verklaard dat de korte termijn haar niet in staat heeft gesteld een uitspraak ten gronde over de doelmatigheid van deze plannen te doen.
Dat de Vlaamse Regering aan het handje van de federale regering loopt, wordt pijnlijk duidelijk. Premier Leterme heeft het land laten weten dat een staatshervorming geen prioriteit meer is. Dit was nochtans de inzet van de Vlaamse Regering. Vlaanderen moest meer bevoegdheden en homogene bevoegdheidspakketten krijgen. Enkel op die manier kon de crisis beter worden bestreden. We zijn terug naar af.
Vooral voor een regeringspartij als de N-VA is dit een pijnlijke zaak. De voorzitter van de N-VA heeft zijn ontgoocheling inmiddels in een vrije tribune laten blijken. Hij vindt het jammer dat premier Leterme, met wie hij schouder aan schouder heeft gestaan, zich nu van de plannen voor een staatshervorming distantieert. (Opmerkingen)
Ik herinner me nog dat ze vroeger een dansje op de tafel hebben gedaan. (Opmerkingen en gelach)
Minister-president Kris Peeters: Mijnheer Deckmyn, het is me volledig onduidelijk wat dit met het werkgelegenheids- en investeringsplan te maken heeft? Volgens mij heeft dit er niets mee te maken. (Rumoer)
De heer Johan Deckmyn: Mijnheer de minister-president, ik kom daar onmiddellijk toe. Het plan kadert immers in wat zich in dit federale land afspeelt nu er, dixit de N-VA, enkel nog wat gerommel in de marge overblijft. Dit is een verklaring van uw eigen coalitiepartner. (Rumoer)
We besturen hier Vlaanderen. Vanuit Vlaanderen moet de nodige kritiek worden geleverd. Dit is het gevoel dat ik had toen ik het werkgelegenheids- en investeringsplan doornam.
Ik denk hierbij vooral aan het arbeidsmarktbeleid. Bijna alle fiscale hefbomen blijven stevig in federale handen. De broodnodige staatshervorming lijkt verder af dan ooit tevoren. Dit zal voor problemen blijven zorgen. Ik verwijs in dit verband onder meer naar de debatten die we hier over de tewerkstellingsplannen van minister Milquet hebben gevoerd.
Premier Leterme heeft zelfs verklaard dat de Vlaamse Regering geen prioriteit meer maakt van de staatshervorming en geen vragende partij meer is.
Minister-president Kris Peeters: Mijnheer de voorzitter, de heer Dewinter heeft straks een vraag over de staatshervorming en hoe we daar naar kijken. Ik zal dan antwoorden namens de Vlaamse Regering in alle duidelijkheid. Ik kan u zeggen dat wat het werkgelegenheids- en investeringsplan betreft, we met de bevoegdheden die we op dit moment hebben en met de crisis waar we op dit moment mee worden geconfronteerd, alles uit de kast halen wat we kunnen. Dit betekent niet dat de staatshervorming wat ons betreft is afgeschreven. Het regeerakoord is daar zeer duidelijk in.
De heer Lode Vereeck: Mijnheer de minister-president, dan legt u uw accenten en prioriteiten een beetje vreemd. Een beetje arbeidseconoom kan u vertellen dat de voornaamste problematiek met betrekking tot de jobcreatie, de zware lasten op arbeid zijn. Ik zou toch heel wat meer inzetten op die staatshervorming en het overhevelen van bevoegdheden. Ik denk dat het dat is wat de geachte collega probeert duidelijk te maken.
Minister-president Kris Peeters: Mensen die morgen hun werk verliezen, hebben er heel weinig aan als we zeggen: we gaan resoluut voor de staatshervorming. Ik zal daar straks op antwoorden.
De heer Lode Vereeck: Mijnheer de minister-president, op uw innovatieregiegroepen zitten de mensen ook niet te wachten, hoor!
De voorzitter: De heer Penris heeft het woord.
De heer Jan Penris: Mijnheer de voorzitter, ik heb de minister-president gisteren aanhoord in het Antwerpse Havenbedrijf. Wij hebben bevoegdheden, mijnheer de minister-president, en wij kunnen dingen realiseren. In het Antwerps havenarbeiderslokaal staan op dit moment duizenden havenarbeiders te stempelen omdat u niet doet wat u kunt doen. U hebt niet geïnvesteerd op het ogenblik dat u kon investeren. Waar blijft die tweede sluis? Waar blijft die Scheldeverdieping? Wat doet u heel concreet voor onze havens? U hebt bevoegdheden en u put ze niet uit! (Applaus bij het Vlaams Belang)
De heer Johan Deckmyn: Collega’s, het is aan de Vlaamse Regering om daadkracht te tonen en ervoor te zorgen dat niet alleen het vertrouwen, maar in concreto op korte termijn de economische crisis kordaat wordt aangepakt. Maar daar loopt het nu net bijzonder stroef.
Ook inzake het budgettaire kader kunnen we ons vragen stellen. Dit houdt immers geen rekening met de oproep van premier Leterme voor het zogenaamde samenwerkingsfederalisme. Welk standpunt zal de Vlaamse Regering ter zake innemen? Zal Vlaanderen België weer budgettair depanneren? Is de Maddens-doctrine nu definitief afgevoerd?
Inzake budgettaire implicaties stelt de Vlaamse Regering dat dit plan dit jaar 31,1 miljoen euro zal kosten en 38,9 miljoen euro volgend jaar. Aangezien de nood acuut is, zou je dit jaar forsere inspanningen verwachten. Hoe zit het trouwens met het extra tekort van 200 miljoen euro dat na de recente begrotingsbesprekingen plots opdook? Het zijn allemaal vragen waar we geen deftig antwoord op krijgen en die op zijn minst de ruimte hypothekeren om dit plan ten uitvoer te kunnen brengen. Er zijn bovendien geen echte indicatoren of streefcijfers om het welslagen van dit plan aan te toetsen.
Als we het werkgelegenheids- en investeringsplan doornemen, dan vinden we in het deel werkgelegenheid veel thema’s terug die men zal voortzetten, versoepelen, versterken of waarbij er aan sensibilisering zal worden gedaan. Sommige initiatieven, zoals de uitbreiding van het maatpakbeleid, zijn mijns inziens niet ambitieus genoeg. Enerzijds wil men een specifieke aanpak met bijkomende kwetsbare groepen, wat positief is, maar anderzijds stelt men in dit deel dat men omwille van de crisis niet in een uitbreiding voorziet – minister Muyters zal me dat niet kwalijk nemen – naar de groep van 52-plussers, en enkel het begeleidingsaanbod voor 50-plussers beter zal benutten. Mevrouw Ceysens, ik heb het blijkbaar even slecht begrepen als u.
Veel andere initiatieven kunnen we uiteraard toejuichen, ik denk bijvoorbeeld aan maatregelen inzake onder meer Individuele Beroepsopleiding in de Onderneming (IBO) en het versterken van het toekomstgericht competentiebeleid. Dit zijn onzes inziens zinvolle zaken. Ook het investeringsplan bevat een aantal toe te juichen initatieven. In het deel ’ondersteuning van het investeringsklimaat’ vinden we trouwens als concreet voorstel bijvoorbeeld de vervanging van de huidige wedstrijdformule in de ecologiepremie door een stelsel dat meer rechtszekerheid biedt. Mijnheer de minister-president, collega’s, daar is het Vlaams Belang nu al jarenlang vragende partij voor – u ziet dat we ook constructief kunnen zijn.
De keerzijde van de medaille is dat we ook hier worden geconfronteerd met het voortzetten, versoepelen en versterken van reeds bestaande maatregelen. Men blijft regelmatig vrij vaag. Ik blijf dus met dat tombolagevoel zitten. Veel structurele veranderingen vinden we in dit plan niet terug.
Ik wil nog twee pijnpunten aanhalen. Mevrouw Lieten zal het niet graag horen, maar ik heb vooral felle kritiek op het vlak van innovatie.
De heer Bart Van Malderen: Ik heb goed geluisterd naar de drie sprekers van de oppositie. Ik heb mevrouw Ceysens haar bandje opnieuw horen afspelen. Ik heb de heer Vereeck taalkundige appreciaties horen geven over het begrip innovatieregiegroepen. En ik heb u vooral horen verwijzen naar Yves Leterme. Ik wil u gerust een geheim vertellen: ik ben geen fan van Yves Leterme.
Maar hij is hier in elk geval al een aantal jaren weg. Ik mis iets bij alle drie die sprekers. Dit plan zou niet ambitieus genoeg zijn. Men wil meer maatregelen voor de 50-plussers. Men wil verplichte opleidingen voor tijdelijke werklozen. Ik heb één vraag: wat is uw oplossing? U gaat mij ongetwijfeld antwoorden: Vlaamse onafhankelijkheid. ‘For the sake of the discussion’, die mag u gegund zijn, maar als u morgen wakker wordt in die Vlaamse heilstaat, wat gaat u dan doen? Aan welke concrete ingrepen denkt u? Daar heb ik u nog geen gebenedijd woord over horen zeggen.
De heer Johan Deckmyn: Daar kunnen we nog een tijd over bezig zijn. Ik apprecieer uw vraag, mijnheer Van Malderen, om in de toekomst coalitiebesprekingen aan te gaan. (Gelach)
Wat ik ook merk bij de meerderheid, is dat ze weinig rekening wil houden met de federale realiteit in dit land. Daar blijft u stoïcijns doof voor.
Inzake onderzoek en ontwikkeling op het vlak van innovatie wordt er aan de alarmbel getrokken, mevrouw de minister. We hebben het er al over gehad. Het Rekenhof stelt zich zeer kritisch op ten aanzien van het Vlaamse beleid. Ik zal de debatten van de voorbije maanden over O&O niet herhalen. Ik wil daar een extra gegeven aan toevoegen. Ik zal mevrouw Ceysens moeten herhalen. Ik ben ook gaan grasduinen in de kritieken op het innovatiebeleid. Ook ik ben op Karel Vinck gestoten als voorzitter van de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid. Hij laat er geen twijfel over bestaan. Ik herhaal het citaat van daarnet: “De verminderde investering door de Vlaamse Regering in wetenschappelijk onderzoek en innovatie zal nefaste en onomkeerbare gevolgen hebben voor de concurrentiepositie van Vlaanderen.” Ik weet het, mevrouw de minister, u hebt dat net proberen te relativeren met andere citaten. Maar dit citaat valt toch niet te negeren! Onomkeerbaar is toch onomkeerbaar?! Die kritiek valt niet te loochenen. Daarom sluit ik me van ganser harte aan bij die kritiek van mevrouw Ceysens.
Minister Ingrid Lieten: Ik zal het nogmaals herhalen. We moeten elkaar niet om de oren blijven slaan met zaken die niet correct zijn. Het is misschien nieuw voor sommigen. In 2009 hebben we op het einde van het jaar vastgesteld dat we 10 percent meer hebben uitgegeven aan bedrijvensteun via innovatieprojecten dan voorzien. Er is op dit moment dus zeker nog geen sprake van een vermindering van innovatiesteun aan bedrijven.
Ik begrijp de vrees van sommigen dat de besparingen die de regering doet om haar budgettaire evenwicht te behouden, uiteindelijk zullen leiden tot de vermindering van budgetten en het niet halen van de norm van 1 percent. Opnieuw moet ik zeggen dat ik zelf de ambitie koester om die 1 percent te halen. Ik heb ook aangegeven dat we daarvoor nog een heel traject moeten afleggen omdat de vorige regering, onder leiding van mevrouw Ceysens en haar innovatie, daar niet in geslaagd is. Dat betekent dat we vanaf 2011 het budget voor innovatie gevoelig moeten verhogen. Ik heb er al cijfers op geplakt. Ik durf heel duidelijk zeggen wat het betekent als we die 1 percent willen halen. Ik durf heel duidelijk zeggen dat het de ambitie is van deze regering om dat te halen. We hebben ook al gezegd dat we gaan proberen om dat in het meerjarenplan op te nemen.
Ik nodig u uit om eens naar de kern van de zaak te gaan in plaats van te blijven doordrammen op indicaties, projecties en ideeën. Geef ons de tijd en de gelegenheid om die meerjarenbegroting op te stellen. Daarna kunt u ons toetsen op onze daden.
De heer Lode Vereeck: De discussie tussen minister Lieten en de oppositie is gebaseerd op een verschillend perspectief van tijd. Voor alle andere domeinen van het overheidsbeleid zou ik zeggen: goed, we kunnen wachten op een meerjarenbegroting. Als we voor innovatie tegen 2012, 2013, 2014 op een deftig niveau geraken, zou ik zeggen: oké. Maar er wordt nu net niet geïnvesteerd in innovatie.
Elk verloren jaar, en met name het verloren jaar 2010, is een jaar dat we achterstand opbouwen en dat we niet kunnen inhalen. Het gaat inderdaad om de heer Vinck, dat is toch geen kieken maar een vink. Die 33 miljoen euro nu besparen leidt tot “nefaste en onomkeerbare gevolgen”. U kunt dan wel zeggen dat u perspectief biedt, maar dat perspectief is in dit domein onvoldoende. Het gaat om nu. Voor het overige kunnen we misschien wel wachten op andere verwezenlijkingen.
De heer Johan Deckmyn: Mijnheer Vereeck, dat was de reden waarom ik met heel veel klemtoon het woord ‘onomkeerbaar’ heb uitgesproken.
Iedereen is het erover eens, dat hoop ik toch, dat indien we het hoofd willen bieden aan deze economische crisis, we inderdaad moeten inzetten op innovatie. Ik wil met het Vlaams Belang benadrukken dat dit moet gebeuren zonder de traditionele sectoren uit het oog te verliezen. In plaats daarvan zien we de creatie van innovatieregiegroepen. De heer Vereeck verwees daar ook al naar. Daarmee wil de Vlaamse Regering in de toekomst bakens uitzetten. Terwijl juist nu, onmiddellijk, moet worden ingezet op onderzoek en ontwikkeling.
Een tweede element dat ik wil duiden, is het pleidooi in het investeringsplan tegen lastenverlaging. Het plan stelt: “In deze crisistijd is het duidelijk dat er hoe dan ook geen ruimte is voor lastenverhoging voor de bedrijven, noch voor de burgers, ook niet op het lokale niveau.” Sta me toe dit nogal voluntaristisch te noemen. Ik hoef er niet op te wijzen dat de Vlaamse Regering weinig in de pap te brokken heeft als het erop aankomt onder andere de federale personen- en vennootschapsbelasting onder controle te houden. Het recente pleidooi van CD&V tegen een verdere staatshervorming zal hier niet veel aan veranderen, wel integendeel.
Collega’s, het voorliggende werkgelegenheids- en investeringsplan bezorgt me een hoog déjà-vugevoel. De minister-president zal dit woord niet graag horen. De Vlaamse Regering vertoont geen echte daadkracht, terwijl de gevolgen van de crisis nu pas in alle hevigheid zullen worden gevoeld. Ik neem dan akte van het feit dat men in de meerderheid ‘hoopt’, zo heb ik het toch verstaan, dat dit plan wordt uitgevoerd. Ik vond dat een nogal vreemde redenering.
Collega’s, het Vlaams Belang blijft daarom pleiten voor een maximale regionalisering van alle fiscale, parafiscale en economische bevoegdheden. De heer Van Malderen zal dit niet graag horen. Zo kunnen we een beleid voeren dat perfect aansluit bij de noden die in Vlaanderen bestaan. Ik heb het al vaak gezegd: alleen op deze manier kunnen we, zeker in tijden van economische crisis, een slagkrachtig economisch beleid voeren dat op maat is geschreven van onze Vlaamse bedrijven en vooral van de werknemers die er worden tewerkgesteld. (Applaus bij het Vlaams Belang)
Het volledige verslag van de vergadering vindt u op http://www.vlaamsparlement.be/Proteus5/showJournaalLijn.action?id=572538&persId=2838
Klik hier voor de bijlage.
|
|
|